25 September 2022 Liturgie 25-09-2022 18:30

Voorganger: ds. J. van Dijk uit Ridderkerk
Voorzang:
Psalm 14 vers: 1
  1. De trotse dwaas zegt in zijn boos gemoed:
    Daar is geen God. Zij doven 't licht der rede,
    En maken zich, door gruwelijke zeden,
    Afschuwelijk; daar is geen mens, die goed
    Op aarde doet. 
Psalm 25 vers: 6
  1. Wie heeft lust den HEER te vrezen,
    't Allerhoogst en eeuwig goed?
    God zal Zelf zijn Leidsman wezen;
    Leren, hoe hij wand'len moet.
    't Goed, dat nimmermeer vergaat,
    Zal hij ongestoord verwerven,
    En zijn Godgeheiligd zaad
    Zal 't gezegend aard'rijk erven. 
Psalm 31 vers: 17
  1. Geloofd zij God, Die Zijn genade
    Aan mij heeft groot gemaakt;
    Die voor mijn welstand waakt:
    Zijn oog slaat mij in liefde gade;
    Hij wil mij heil bereiden;
    Mij in een vesting leiden. 
Gebed des Heeren vers: 1, 8 en 9
  1. O allerhoogste Majesteit,
    Die in het rijk der heerlijkheid
    De heem'len hebt tot Uwen troon,
    Wij roepen U, in Uwen Zoon,
    Die voor ons heeft genoeg gedaan,
    Als onzen Vader need'rig aan. 
  1. Verlos ons uit des bozen macht;
    Bescherm, en sterk ons door Uw kracht:
    Wij zijn toch zwak, zijn sterkt' is groot;
    Dus zijn w' elk ogenblik in nood;
    Hier komt nog vlees en wereld bij;
    Ai, sterk ons dan, en maak ons vrij. 
  1. Want Uw is 't Koninkrijk, o HEER,
    Uw is de kracht, Uw is al d' eer.
    U, die ons helpen wilt en kunt,
    Die, in Uw Zoon, verhoring gunt,
    Die door Uw Geest ons troost en leidt,
    U zij de lof in eeuwigheid. 
Psalm 84 vers: 3 en 4
  1. Welzalig hij, die al zijn kracht
    En hulp alleen van U verwacht,
    Die kiest de welgebaande wegen;
    Steekt hen de hete middagzon
    In 't moerbeidal, Gij zijt hun bron,
    En stort op hen een milden regen,
    Een regen, die hen overdekt,
    Verkwikt, en hun tot zegen strekt. 
  1. Zij gaan van kracht tot kracht steeds voort;
    Elk hunner zal, in 't zalig oord
    Van Sion, haast voor God verschijnen.
    Let, HEER der legerscharen, let
    Op mijn ootmoedig smeekgebed;
    Ai, laat mij niet van druk verkwijnen;
    Leen mij een toegenegen oor,
    O, Jacobs God, geef mij gehoor. 
Psalm 143 vers: 10
  1. Leer mij, o God van zaligheden,
    Mijn leven in Uw dienst besteden;
    Gij zijt mijn God, vat Gij mijn hand;
    Uw goede Geest bestier' mijn schreden,
    En leid' mij in een effen land. 
Psalmen 84: 1 - 11
  1. Voor den opperzangmeester, op de Gittith; een psalm, voor de kinderen van Korach. (84:2) Hoe liefelijk zijn Uw woningen, o HEERE der heirscharen!
  2. (84:3) Mijn ziel is begerig, en bezwijkt ook van verlangen, naar de voorhoven des HEEREN; mijn hart en mijn vlees roepen uit tot den levenden God.
  3. (84:4) Zelfs vindt de mus een huis, en de zwaluw een nest voor zich, waar zij haar jongen legt, bij Uw altaren, HEERE der heirscharen, mijn Koning, en mijn God!
  4. (84:5) Welgelukzalig zijn zij, die in Uw huis wonen; zij prijzen U gestadiglijk. Sela.
  5. (84:6) Welgelukzalig is de mens, wiens sterkte in U is, in welker hart de gebaande wegen zijn.
  6. (86:7) Als zij door het dal der moerbezienbomen doorgaan, stellen zij Hem tot een fontein; ook zal de regen hen gans rijkelijk overdekken.
  1. (84:8) Zij gaan van kracht tot kracht; een iegelijk van hen zal verschijnen voor God in Sion.
  2. (84:9) HEERE, God der heirscharen! hoor mijn gebed; neem het ter oren, o God van Jakob! Sela.
  3. (84:10) O God, ons Schild! zie, en aanschouw het aangezicht Uws gezalfden.
  4. (84:11) Want een dag in Uw voorhoven is beter dan duizend elders; ik koos liever aan den dorpel in het huis mijns Gods te wezen, dan lang te wonen in de tenten der goddeloosheid.
  5. (84:12) Want God, de HEERE, is een Zon en Schild; de HEERE zal genade en eer geven; Hij zal het goede niet onthouden dengenen, die in oprechtheid wandelen.
Hebreeën 12: 1 - 3
  1. Daarom dan ook, alzo wij zo groot een wolk der getuigen rondom ons hebben liggende, laat ons afleggen allen last, en de zonde, die ons lichtelijk omringt, en laat ons met lijdzaamheid lopen de loopbaan, die ons voorgesteld is;
  2. Ziende op den oversten Leidsman en Voleinder des geloofs, Jezus, Dewelke, voor de vreugde, die Hem voorgesteld was, het kruis heeft verdragen, en schande veracht, en is gezeten aan de rechter hand des troons van God.
  1. Want aanmerkt Dezen, Die zodanig een tegenspreken van de zondaren tegen Zich heeft verdragen, opdat gij niet verflauwt en bezwijkt in uw zielen.
Tekst: Hebreeën 12 vers 1-3